Inspiratie

Als in de oorlogsrevue Fronttaal wat veel gevloekt wordt, als er aangebrande moppen worden verteld of als er overvloedig met pis en kak wordt gegooid, dan ligt dit dus niet aan de verdorven geesten van enkele seniel wordende heren in hun tweede anale fase, maar is dit gewoon realistisch: à la guerre comme à la guerre!

Het overgrote deel van de liederen en sketches in Fronttaal is historisch en komt uit oude volksromans, liedjesbundels, dagboeken, oorlogsmemoires of anekdotenverzamelingen. Zo komt het welkomsbord 'Ici on entre ...' uit de oorlogsroman Eer Vlaanderen vergaat (van Turnhoutenaar Jozef Simons), de 'vlieg- en bombardeerscène' uit Speurders in de nacht (Jules Geens), de 'rotte-patattenscène' en de toiletspreuk uit Tijl tegen den mof  (Jan de Schuyter), het WC-rijmpje uit Het derde peloton (Michel Bruggeman), het aftelrijmpje uit Gitschotel '35 (Renaat Van der Linden), het grapje van 'Hoe ver is Engeland van hier?' uit Roeselare in den Oorlog (Abraham Hans), de mop van de 'valse brief' uit Mijn grote oorlog (Jef Vermeiren), de soldaat die altijd te hoog mikte uit Een bloem in het geweer (Gaston Durnez), de officier die in zijn broek deed uit De Troost van Schoonheid (Piet en Wim Chielens) ...

Ook 'Villa Laatonsgerust', 'A la guerre comme à la guerre' (='Meugde geen koekske, eet dan stront!'), 'de dames van de Lichte Cavalerie', 'Pour les Flamands la même chose', de krantencensuur met 'Hier heeft de waarheid gestaan!' en andere woodspelingen kan je overvloedig vinden in diverse publicaties.

De meeste van de gebrachte liedjes zijn honderd of meer jaren oud en werden door tienduizenden soldaten gezongen. Lyn MacDonald schrijft in Passendale 1917 dat het lied Armentières ('Inky Pinky Parles-Vous...') in 'wel duizend steeds pikantere variaties' bestond. Onze variatie zal dus niet veel afwijken van de originele ...

We waren heel blij met de vondst van het lied Ik wou dat ik bij mijn moeke was dat Mathil Goelen in het liedboek van haar vader War aantrof, én met de originele tekening die de toen toen jonge Molse kunstenaar Jan Dries speciaal voor deze Ginderbroekse straatzanger ontwierp ...

Ook de geprojecteerde cartoons zijn historisch. Met de films nemen we echter geregeld een olijk loopje met de waarheid ... De boze telefoon van een verontwaardigde kolonel is daarentegen echt.